Vroeger stond Wesel bekend als de belangrijkste Hanzestad op de waterweg tussen Amsterdam en Keulen. Tegenwoordig is het een populaire toeristenbestemming. De reeds in 1578 verkregen eretitel “gastvrij Wesel”, doet ook vandaag de dag deze levendige stad nog steeds eer aan.
De Hanzestad, “Wesel aan de Rijn” is in 1975 benoemd tot district hoofdstad. Van de 122 vierkante kilometer die de stad telt, bestaat ongeveer 75% uit bos, water en landbouwgrond.
Bislich, Büderich, Fluren en Obrighoven / Lackhausen zijn de buitenwijken van de stad. Er wonen in totaal ongeveer 64.200 inwoners verdeeld over de verschillende stadswijken.
Wesel is een van de 11 steden waardoor de migratieroute van Noord-Rijnland-Westfalen, voerde. Als dank voor het vormen van een toevluchtsoord voor vluchtelingen van de Spaanse inquisitie, kreeg de stad in 1578 van de vluchtelingengemeenschap de “Geuzenbekers” in ontvangst. Deze twee bokalen vervaardigd door de Keulense goudsmid Gilles Sibrecht zijn te bezichtigen in het stedelijk museum.
De oude watertoren van Wesel is omgebouwd tot een expositiecentrum voor bijzondere kunst. Wisselende exposities uit verschillende disciplines trekken bezoekers naar de “kunst in de toren”.
In het jaar 1956, had het “oude waterwerk” van Wesel direct aan de Lippe gelegen, zijn missie volbracht. Heden ten dage staat het waterwerk onder bescherming van monumentenzorg en wordt het dagelijks bezocht door vele geïnteresseerde gasten.
In Bislich staat het Heimatmuseum (stadsmuseum) van Wesel. Sinds 1983 vindt men daar historische herinneringen aan het leven van ambachtslieden uit de omgeving, evenals gegevens over de vroomheid van het volk en allerlei informatie over huishoudens van vroegere tijden. In het aangrenzende Deichmuseum (dijkmuseum) staat de geschiedenis van de “Rijn” centraal. Hier wordt uitgelegd en getoond hoe men trachtte zich te beschermen tegen “overstromingen” door middel van het aanleggen van dijken. Daarnaast is er veel te vinden over de “scheepvaart op de Rijn” en de “beroepsvisserij” van toen. Een bijzondere vondst is het bronzen standbeeld, de “Lüttinger Knabe” (de knaap van Lüttinger), die in 1858 door zalmvissers uit de Rijn is gehaald. Miniatuur replica’s van dit beeld zijn populaire souvenirs onder de toeristen.
Maar Wesel betekent ook “feest vieren zo als het bedoeld is.”
Dit begint met de tijd van de dwazen waarbij op carnavalszondag in de Nederrijnhal, met alle formaliteiten de “ezelsrangen” verdeeld worden. Wie is niet bekend met de vraag: Wie is de burgemeester van Wesel ? “EZEL” … en dat is precies waar het om draait. De kandidaten zijn opgevallen door hun bijzondere gevoel voor humor of ze hebben in het voorafgaande jaar echte ezelsbeslissingen genomen en de gevolgen ervan met waardigheid gedragen. Natuurlijk komt men ook in aanmerking voor de ezelsonderscheiding als men actief de naam van de stad in de weide wereld uitdraagt.
In juni volgt dan het volgende grote feest. Tijdens het eerste weekend van die maand gaat ieder jaar het “Gourmetfestival” van start. Bij de Berlijnse poort in de binnenstad, worden de gasten drie dagen lang op culinaire hoogstandjes, modeshows, muziek en andere voortstellingen getrakteerd.
Iets heel anders kan men in augustus beleven. Dan worden er in de jachthaven van Wesel jacht de jaarlijkse “Drag Boat Races” gehouden. Op Korenmarkt worden vanaf twee verschillende podia muziekliefhebbers door muziekanten onderhouden en op de Rijnpromenade zorgen draaimolens en theatershows voor plezier en vermaak. De grote finale is het vuurwerkspektakel dat op zaterdagavond om 22.00 gehouden wordt.
Met uiteenlopende exposities verdeeld over de kunstgalerijen van het stadscentrum, de theaters, de kerken van de binnenstad en het cultuurcentrum Zitadelle worden cultuurliefhebbers in september op hun wenken bediend. De “Cultuurnacht” biedt alles wat het hart begeert.
Later in het jaar volgen nog het “historische Hanzefestival“ in oktober en de “Kerstmarkt“ in december.
Engels
Duits
Nederlands